Begin

De ARBO - wet: Het "zorg op maat" principe 

 

Het uitgangspunt van de Arbo- wet is dat de zorg voor veiligheid en gezondheid in organisaties "op maat" moet zijn. Dat wil zeggen dat in iedere organisatie de noodzakelijke deskundigheid en voorzieningen gerelateerd moeten zijn aan de risico's die de organisatie kunnen bedreigen. De risico's worden beschreven in de verplichte risico inventarisatie. De aanpak van de risico's is gebaseerd op de zogenaamde bronbenadering waarbij op de werkplek zoveel mogelijk preventieve veiligheidsvoorzieningen worden getroffen. Er zijn vrijwel altijd risico's die niet door preventieve maatregelen weg te nemen zijn, de zogenaamde restrisico's. Het zijn de gevolgen van de restrisico's die bepalend zijn voor de omvang en het opleidingsniveau van de bedrijfshulpverleningsorganisatie. De werkgever moet aan alle wettelijke eisen inzake bedrijfshulpverlening voldoen en daartoe wordt in samenwerking met de werknemers beleid ontwikkeld en vastgelegd. De huidige wetten en regelingen zijn de Arbo-wet 2007, het Arbo-besluit, de brandbeveiligingsvisies. het Bouwbesluit en de Bouwverordening / Gebruiksbesluit Brandveilig Gebruik Bouwwerken en de Wet op de Ondernemings Raden. Hoewel de Arbo-wet onverkort van kracht blijft, kunnen sociale partners voor hun eigen sector afstemmen op welke wijze zij aan de normen van de Arbo-wet zullen voldoen. Hierdoor ontstaat meer maatwerk en minder regeldruk en bemoeienis van de overheid. De afspraken, oplossingen en verbeteringen worden in de Arbo-catalogus vastgelegd.

 

De BHV-organisatie

In Artikel 8 van de Europese richtlijn 89/391/EEG staat:

 

lid 1 : De werkgever moet:

  • de nodige, aan de aard en grootte van de activiteiten van het bedrijf en/of de inrichting aangepaste maatregelen treffen op het gebied van de Eerste Hulp, de brandbestrijding en de evacuatie van werknemers, daarbij rekening houdend met andere aanwezige personen
  • en de nodige verbindingen onderhouden met diensten van buitenaf, met name op het gebied van Eerste Hulp, medische noodhulp, reddingswerkzaamheden en brandbestrijding.

 

lid 2  :    

  • Ingevolge lid 1 moet de werkgever met name voor de Eerste Hulp, de brandbestrijding en de evacuatie van aanwezigen, werknemers aanwijzen die belast zijn met de uitvoering van de BHV taken.
  • Deze werknemers moeten opgeleid worden, talrijk genoeg zijn en over toegepaste middelen kunnen beschikken, rekening houdend met de omvang en de specifieke risico's van het bedrijf en/of de instelling.

 

Artikel 12 lid 3 handelt over de opleiding :

  • de werknemersvertegenwoordigers die een specifieke taak hebben op het gebied van de bescherming van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers, hebben recht op een passende opleiding.

 

De werkgever moet zich voor de uitvoering van de BHV taken laten bijstaan door daartoe opgeleide personen. Het aanwijzen van de BHV-ers is een verplichting van de werkgever. Volgens Artikel 1 van de Arbo-wet is een werkgever iemand die één of meerdere personen onder zijn gezag arbeid laat verrichten. Voor de Arbo-wet worden tbs'ers, leerlingen, proefplaatsingkandidaten, uitvoerders van een taakstraf, gevangenen en stagiaires gelijkgesteld aan werknemers.

 

Er moeten zoveel BHV-ers aangewezen en opgeleid worden dat er op elk moment, ook tijdens ziekte, vakanties of ploegendiensten, voldoende BHV-ers aanwezig zijn die aan de prestatie eis van enkele minuten kunnen voldoen.

De bedrijfshulpverlener bekleedt een voorpostfunctie voor de professionele hulpverleningsdiensten zoals brandweer, politie en ambulancedienst. De verschillende taken van de bedrijfshulpverlener zijn omschreven in Artikel 15 van de

 

Arbo-wet, deze bestaan uit:

  • Verlenen van eerste hulp bij ongevallen
  • Beperken en bestrijden van een beginnende brand
  • Alarmeren en evacueren van alle aanwezigen

Soms is het nodig om een overstijgend opleidingsniveau te bereiken, en in een ander geval kan een beperkte BHV taak voldoende zijn. De omvang en het niveau van de bedrijfshulpverleningsorganisatie wordt mede bepaald door een aantal maatgevende factoren:

 

Algemene restrisico's

  • Specifieke restrisico's in het bedrijf en de bedrijfsprocessen
  • Aard, grootte en complexiteit van het gebouw
  • Aantal aanwezigen
  • Aantal niet-zelfredzame personen
  • Beschikbaarheid en opkomsttijd van professionele hulpdiensten
  • Risico's uit de directe omgeving

 

Een gedegen opleiding geeft de cursist een waarborg dat hij in noodsituaties op verantwoorde wijze adequate hulp kan verlenen Dat hij in alle dagelijkse omstandigheden door direct ingrijpen erger kan voorkomen. ZVE Opleidingen heeft er voor gekozen om de opleidingen vooral praktijkgericht te geven. Erkende instructeurs nemen u mee in verschillende situaties, waar theorie en praktijk aan elkaar gekoppeld worden. Veel aanbieders doen in korte tijd niet meer dan strikt noodzakelijk; wij geven juist dat beetje meer keus om de kwaliteit te kunnen bieden waar een slachtoffer recht op heeft of waar een situatie om vraagt.

 

Opleidingsprofiel volgens het ‘zorg op maat'- principe:

 

Algemeen:

  • De algemene hulpverleningsregels toepassen
  • Een incident melden
  • Alarmeren en weten hoe hij gealarmeerd wordt
  • Omgaan met de communicatiemiddelen die in zijn bedrijf worden gebruikt
  • Hulpverleningsdiensten informeren en zo nodig bijstaan

 

Optie 1 (Levensreddende) Eerste Hulp

Als uit de RI&E blijkt dat er binnen het bedrijf kans is op levensbedreigende situaties, dient de BHV-er vaardig te zijn om eerste hulp te bieden bij levensbedreiging.

 

De BHV-er kan

  • de basale reanimatie toepassen en de AED op juiste wijze gebruiken
  • handelen bij situaties die het leven kunnen bedreigen, namelijk:
  • verslikking;
  • shock;
  • meervoudige botbreuken;
  • acute ziekten/aandoeningen

 

Optie 2 Eerste Hulp

De BHV-er kan

  • de juiste veiligheidsmaatregelen nemen voor zichzelf en het slachtoffer
  • eerste hulp verlenen bij de meest voorkomende letsels:
  • uitwendige wonden en ernstige uitwendige bloedingen en amputaties
  • brandwonden
  • botbreuken en wervelletsel 
  • verstuikingen en ontwrichtingen
  • kneuzingen
  • oogletsel

 

Het beperken en het bestrijden van brand

 

Algemeen:

  • De BHV-er weet wat brand is en hoe brand kan worden geblust
  • De BHV-er weet wat hij moet doen in geval van brand:
  • Alarmeren
  • Branduitbreiding voorkomen
  • Blussen

 

De BHV-er kan ingeval van brand

  • veilig optreden bij rook, hitte en op een veilige wijze deuren openen
  • het juiste blusmiddel kiezen bij een brand
  • een vaste stoffenbrand en/of een vloeistofbrand en/of een gasbrand bestrijden
  • de blusmiddelen die op de werkplek aanwezig zijn gebruiken

 

De BHV-er kan bij een Ontruiming

  • handelen volgens de ontruimingsprocedure bij het afgaan van het ontruimingssignaal
  • handelen volgens de gedragsregels voor de BHV-er tijdens het ontruimen
  • aanwijzingen geven aan medewerkers en derden
  • werkplekken en algemene ruimtes controleren
  • informatie verstrekken aan en samenwerken met externe hulpverleningsdiensten
  • kent de afspraken over de opvang van medewerkers en derden op de verzamelplaats
  • kent de afspraken over het verlenen van nazorg aan medewerkers en derden

 

Mogelijke opleidingsprofielen

Onderstaand overzicht kan behulpzaam zijn om de opleiding voor BHV-ers vorm te geven volgens een modulaire opbouw

 

Kleine bedrijven zonder specifieke restrisico's  / Basisopleiding BHV MKB

Deze bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Eerste Hulp
  • Instructie brandbestrijding
  • Ontruiming

 

Grote bedrijven en  bedrijven met specifieke restrisico's

Basisopleiding BHV (modulaire opbouw)

  • Eerste Hulp
  • Reanimatie + AED
  • Brandbestrijding
  • Ontruiming

 

Aanvullende opleidingen afhankelijk van de specifieke risico's

  • BHV Eerste hulp gevaarlijke stoffen
  • BHV procedure gevaarlijke stoffen
  • Adembescherming
  • Beheerder Brandmeldinstallaties
  • Ploegleider
  • Coördinator/Hoofd BHV

 

De wetgever stelt de werkgever verantwoordelijk voor het functioneren van de BHV organisatie. De werkgever dient hiervoor de benodigde hulpmiddelen, zoals communicatiemiddelen, zichtbare alarmnummers en een ontruimingsplan, ter beschikking te stellen. In de meeste gevallen zal de bedrijfshulpverlener zich moeten laten bijstaan door anderen binnen de organisatie voor bijvoorbeeld het alarmeren en het ontruimen van het object. De werkgever dient erop toe te zien dat iedereen voldoende geïnstrueerd is.

 

© 2008 - van Wijhe Consultancy